URBAN UNREST RELEASE #1: EVIL CHILDREN – THE ULTIMATE MOVIE GUIDE TO VILLAINOUS CHILDREN (edited by) VANNESSA MORGAN (PAPERBACK & KINDLE, OUT NOW!)

Yezz!!! Driewerf hoera!! Here it is!!!

Niet zonder enige trots mag ik EVIL SEEDS – THE ULTIMATE MOVIE GUIDE TO VILLAINOUS CHILDREN aankondigen in de unieke boekenreeks die schrijfster Vanessa Morgan opdraagt aan haar nauw aan het hart gelegen filmgenres: horror, suspense en monsters in al zijn vormen. In combinatie met een giveaway van WHEN ANIMALS ATTACK: THE 70 BEST HORROR MOVIES WITH KILLER ANIMALS, het eerste luik in deze ongeziene boekenserie dat met het heersende, bedreigende klimaatdebat wel akelig actueel is, kon U al meer leren over haar uitgebreide activiteiten via een eerder gehouden diepte-interview (zie ook Creative Inertia #6).

But there is more – so much more!!!

Naar aanleiding van deze kersverse uitgave die trouwens via de Kindle-Edition charts zomaar even als de #1 new release mocht pronken in de categorie Movies & Video guide Review of ondertussen op #56 Bestsellers Movie Encyclopedias staat te schitteren tussen al die blockbusters kaliber STAR WARS, wordt VANESSA MORGAN onderaan ruimschoots aan het woord gelaten over haar voorliefde voor deze bloedstollende materie. Ik kan echter alvast verklappen dat in navolging van de eerdere edities met zijn specifieke thema’s WHEN ANIMALS ATTACK: THE 70 BEST HORROR MOVIES WITH KILLER ANIMALS (2016) en STRANGE BLOOD: 71 ESSAYS ON OFFBEAT AND UNDERRATED VAMPIRE MOVIES (2019) ditmaal all the Evil Kids out there op het matje werden geroepen om verzamelen te blazen onder de vlag:  

EVIL SEEDS – THE ULTIMATE GUIDE TO VILLAINOUS CHILDREN  

Dankzij zijn twee overigens zeer gesmaakte voorgangers was het al van meet af aan duidelijk dat de cinematografische annalen gingen opengereten worden, maar ondertussen is de oorspronkelijke opzet enigszins aangepast. Dat was hoe dan ook onvermijdelijk, want het mag gezegd worden dat deze editie met bijna 250 titels een kloefer van jewelste is geworden. Met EVIL SEEDS wordt zo mogelijk zelfs nog veel dieper gegraven dan zijn voorgangers, want uit meer dan veertig (!) verschillende landen zijn dermate obscure films komen bovendrijven waarvoor ik blindelings opnieuw een ledemaat van uw vriendin durf te verwedden dat U er nog nooit van gehoord hebt.

Ondertussen is het meer dan zes jaar geleden dat juffrouw Morgan me vroeg of ik interesse zou hebben om haar internationaal uitgekiend leger filmspecialisten te versterken om samen in het ongewisse te duiken van in de het Westen veelal ongekende filmwereld. Ik had op dat moment geen idee wat me ging overkomen, maar ineens schreef ik samen met tal van gerenommeerde regisseurs, filmmakers, acteurs, filmfestivalorganisatoren, critici, journalisten, bloggers en vloggers van over de gehele planeet aan een project dat ondertussen haast archeologische proporties heeft aangenomen.

Wie nog in de illusie vertoeft dat alles via internet valt op te sporen is eraan voor de moeite, maar hopelijk kan dat alleen maar het plezier vergroten tijdens het verorberen van dit behoorlijk ultiem naslagwerk.

EVIL SEEDS verschijnt net als zijn twee voorgangers eerst in Amerika, maar er zullen onder meer een aantal exemplaren beschikbaar gesteld worden in de microboetiek van de Brusselse Cinema Nova of op het komende BUT festival in Breda waar Vanessa Morgan verschillende screenings van films uit het boek zal presenteren.

Of U kan EVIL SEEDS – THE ULTIMATE MOVIE GUIDE TO VILLAINOUS CHILDREN gewoon zelf bestellen als glossy paperback of als Kindle-Edition op :

Part Two diepte-interview Vanessa Morgan: EVIL SEEDS – THE ULIMATE MOVIE GUIDE TO VILLAINOUS CHILDREN

SVN’s UNSANE VORTEX: Op het moment van dit interview was EVIL SEEDS: THE ULTIMATE MOVIE GUIDE TO VILLAINOUS CHILDREN nog steeds in de maak, maar nu is het dus zover! As we speak wordt dit nieuwe filmboek via de bekende digitale platforms de wereld in gestuurd. Sterker nog: vers van de pers is dat EVIL SEEDS op de eerste plaats is binnengekomen als #1 Kindle new release Movie & Video Guide & Review, alsook #56 in de categorie Bestsellers Movie Encyclopedias (Bij ons is dat allemaal nog niet zo in zwang, maar in Amerika is dat wel even iets anders, nvdr) Ik veronderstel dat we hier niet blij mee zijn?  

VANESSA MORGAN: (lacht) Oh nee, helemaal niet. Zeker als je beschouwt dat het absoluut geen sinecure was om deze release in deze drukke(nde) tijden te verwezenlijken. Maar dat binnenkomen als #1 new release bij Kindle Movie & Video Guide & Review is natuurlijk wel een kers op de taart die ik totaal niet had zien aankomen.

SUV: Voor een algemeen overzicht waar Vanessa Morgan uitgebreid haar diverse activiteiten toelicht, verwijs ik U nogmaals graag door naar Creative Inertia #6. Maar wie beter dan de bezielster zelf om haar verhaal te laten doen betreffende dit nieuwe chapter in een ongoing serie filmboeken? You may proceed, my dear…

VM: OK, here goes: EVIL SEEDS: THE ULTIMATE MOVIE GUIDE TO VILLAINOUS CHILDREN is ondertussen het derde filmboek in de rij dat ditmaal handelt over kwaadaardige kinderen in de film. Het palet van deze genrefilm is wel iets meer opengetrokken en bestrijkt – in tegenstelling tot zijn voorgangers WHEN ANIMALS ATTACK (2016) en STRANGE BLOOD (2019) – niet alleen horror, maar ook drama’s of thrillers komen aan bod, op voorwaarde dat er Evil Kids aan verbonden zijn.

SUV: Hoewel zijn twee voorgangers toch ook al aanzienlijk en omvangrijk waren, ga je met EVIL SEEDS toch nog wel een hele stap verder en gooi je het zelfs over een andere boeg?

VM: Ja, er is inderdaad een groot verschil. Waar het bij de twee voorgangers de opzet was om een favoriete film van bepaalde schrijvers naar boven te brengen, resulteerde dit in vooral heel persoonlijke stukken, waar ze vaak zelfs met eigen verhalen afkwamen waarom die specifieke film voor hen zo belangrijk was. Met EVIL SEEDS was het oorspronkelijk zelfs niet echt de bedoeling om een volledige encyclopedie te maken over dit bepaald sub-genre, maar tegelijkertijd speelde ik toch met het idee om alle – zoniet toch bijna alle – Evil Kids films over de gehele wereld te verzamelen om deze te bundelen in één groot naslagwerk. In de veronderstelling dat ik ongeveer alles wel kende van dit specifiek sub-genre, kwam ik met mijn lijstje toch al snel aan een honderdtal titels. Uiteindelijk zitten we nu aan bijna 250 titels uit meer dan 40 landen en besef ik maar al te goed dat de kans groot is dat we er mogelijk nog een deel gemist hebben. Dat kan bijna ook niet anders, want veel films zijn gewoon nooit vertaald geweest en bijgevolg zullen deze zelden hun eigen niche kunnen overstijgen. (lacht) Desalniettemin denk ik toch dat ik redelijk compleet ben hoor, om nog maar te zwijgen van de variatie. We onderschatten overigens vaak onze eigen bodem, maar er zitten ook Belgische films tussen.

SUV: Als je even stilstaat bij het feit dat er in 2020 nog 196 internationaal erkende onafhankelijke staten werden geteld, dan heb je hier dus zowat 1/5 van de wereld gecoverd. Wat mij als medeschrijver wel verwonderde was dat er in bepaalde landen waar de perceptie van een maatschappij heel anders is dan hier in het Westen, überhaupt evil kids films kunnen bestaan?

VM: Ja, dat is zeker opmerkelijk. Veel mensen hier in het Westen komen met Amerikaanse films in contact en dat heeft zeker zijn invloed, maar dat hoeft daarom in andere landen niet perse zo te zijn. Vaak heeft het ook te maken met culturele aspecten of mythologieën zoals bijvoorbeeld de Tijanaks – letterlijk een evil baby – die bijvoorbeeld in de Filipijnen wel als reële wezens worden aangenomen.

SUV: Dat heb ik zelf ondervonden bij mijn essay voor STRANGE BLOOD over ASWANG: THE UNEARTHING (1994). Ik heb toen met jonge Filipijnse mensen gesproken en vond het verbazingwekkend dat zij bij de vernoeming van Aswang bij wijze van spreken haast wit uitsloegen. Het is duidelijk dat die angst er wel degelijk in zit en dat is de dag vandaag toch op zijn minst opmerkelijk.

VM: Ja, in het geval van Aswang of Tijanak maakt dit echt deel uit van de Pinoy culture en dat heeft zelfs niets te maken met film of Amerika in het algemeen. Sterker nog: heel waarschijnlijk zijn ze daar zelfs onwetend hierover en kunnen ze bijgevolg niet beïnvloed zijn door bijvoorbeeld de Amerikaanse filmwereld.

SUV: In feite worden hun perikelen gewoon verfilmd? Zoals bijvoorbeeld in Amerika, met hun eigen omstreden wapenwet, mensen relatief minder snel opkijken als plots één of ander kind in het wild in een school begint rond te schieten. Het is bijna een mondofilm?

VM: Ja, op een rare manier wel. Het is wel te merken aan al die films – en dat maakt het allemaal net zo boeiend – dat elk land zijn eigen ding doet met zijn culturele erfenis. Zo is de facto religie al een zeer bepalende factor hoe dingen zullen worden benaderd. Ik zeg maar iets: een pas geboren antichrist gaat bijvoorbeeld in een katholiek land heel anders bekeken worden dan pakweg in een moslimland. In Azië zijn dan weer geesten heel courant. Zoals, om maar een titel te noemen, in Takashi Shimizu‘s originele JU-ON THE GRUDGE serie (2002), zijn veel van die evil kids daar spook-kinderen en zal je naar Westerse normen veel minder snel een sqiekend kind vinden dat zomaar mensen met een mes aanvalt.

SUV: Om even in Japan te blijven, heb ik dat voor dit boek zelf aan den lijve mogen ondervinden met Hideo Nakata’s – van hetzelfde bouwjaar als THE GRUDGE stammende – zo bestempelde gamechanger DARK WATER (2002), waar eveneens een spook-kind prominent aanwezig is.

VM: Het is niet zo verwonderlijk dat de zogenaamde kai of yūreispook-kinderen met die typische lange zwarte haren en witte kimono – in de Japanse leefwereld blijven ronddwalen, want dat wordt gewoon op kinderen overgedragen. Ondertussen kennen wij die Aziatische spoken hier ook en beseffen wij wel dat dit bijvoorbeeld een Japanse achtergrond heeft, maar wij zullen daar minder snel bij stilstaan omdat daar amper van die echte moord-kinderen bestaan. Het blijven vooral spook-kinderen die er de plak zwaaien en dat leeft veel minder in andere culturen. 

SUV: Al die culturele aspecten worden dus zelfs in dit digitaal tijdperk, waarin ieder geacht wordt zijn eigen weg te zoeken, nog steeds gewoon van generatie op generatie overgedragen?

VM: Ja, maar ook omgekeerd kan je dit vaststellen. Zo werd na het succes van verschillende remakes van eerder vernoemde Hideo Nakata zijn RINGU (1998), hier bij ons de J-Horror of zelfs G-Horror echt populair. Dat is ook Amerikaanse of Europese filmmakers niet ontgaan en op een gegeven moment werd dat Aziatische geïnspireerd spook geïntegreerd in Westerse films, die plotseling bevolkt werden door spook-kinderen met van dat lang zwart haar etc. Weliswaar is een paar jaar later die rage helemaal ingezakt en zijn al die spook-kinderen blijkbaar opgelost in één of ander waterachtige oplossing?

SUV: Zo zie je maar dat zelfs horror ook onderhevig is aan modeverschijnsels hé?

VM: Oh ja, zeker en vast! In tegenstelling tot Azië zijn dat hier echt trends hoor. Zo doken er na William Friedkin’s THE EXORCIST (1973) plots overal ter wereld zogenaamde possession-films op. Niet alleen over kinderen die bezeten waren, maar ook meer algemene films met volwassen mensen die ineens verstoken werden van de duivel.

SUV: Speaking of the devil: daar werd ik dus zelf mee geconfronteerd via mijn contributies over Dominique Othenin-Girard’s THE AWAKENING IV (1991) en het latere THE OMEN 666 van John Moore (2006), waaruit bleek dat de impact van Richard Donner’s originele THE OMEN uit 1976 zodanig groot was dat het gewoon de verkoop van de bijbel naar ongekende hoogtes stuwde, omdat die aangekondigde komst van de antichrist het Westelijk Halfrond zwanger maakte van angst. Toegegeven, wat in de filmwereld bekend staat als The Omen’s Curse doet op zijn minst toch enkele wenkbrauwen fronsen natuurlijk.

VM: Inderdaad, THE OMEN heeft echt wel danige paniek veroorzaakt destijds. Het bizarre is echter dat ook in dit geval ineens allerlei films opduiken die over de geboorte van de antichrist handelen, dus ook in landen zoals India die zelfs niet perse katholiek zijn of niet in Satan geloven.

SUV: Je hebt me dan ook niet voor niets weten triggeren om gewillig in Pandora’s box van de Tamil of Pinoy filmwereld te duiken. Hoe absurd zijn bijvoorbeeld Thakkali Srinivasan zijn OMEN remake JENMA NATCHATHIRAM (1991) of Erik Matti’s SEKLUSYON (2016) eigenlijk niet? En dan heb ik het nog niet eens gehad over wat in de tweede grootste filmindustrie van de wereld blijkbaar dagelijkse kost is: Nollywood producties, die hier waarschijnlijk zouden afgaan als een gieter. 

VM: Los van het feit dat die landen vaak amper budgetten hebben om mee te werken, heeft het ook veel te maken met het feit dat dit of dat idee in Amerika heel populair was en proberen ze door dat over te nemen te testen of dat in eigen land ook zou aanslaan. Heel af en toe wordt het wel aangepast aan de lokale folklore, maar als je het dan in de culturele context bekijkt voel je gewoon dat dit niet klopt. Maar net al die tegenstrijdige facetten maken het allemaal zo razend interessant natuurlijk.

SUV: Absoluut, maar tegelijkertijd vrees ik ook dat dergelijke films niet voor iedereen weggelegd zijn.

VM: Zeker niet. Neem nu bijvoorbeeld jouw andere film 666 (BEWARE THE END IS AT HAND) van de Nigeriaanse regisseur Ugo Ugbor uit 2007. Sommige mensen zouden het misschien zelfs als een affront kunnen zien om een dergelijke film aanbevolen te krijgen, want dat is belachelijk goedkoop gemaakt omdat er geen budgetten zijn. Dat merk je ook. De Nigeriaanse normen betreffende kwaliteit, inhoud en uitvoering kunnen duidelijk niet verder van onze Westerse maatschappij liggen, maar toch vind ik dat de mensen deze film moeten zien. Ondanks alles is dit zoiets apart. Je hebt dat nog nooit eerder gezien en dat maakt het uniek natuurlijk. 

SUV: Wat ik toch ook heel frappant vind is het feit dat ondanks er daar amper middelen zijn, zij zich niet laten tegenhouden om alsnog hun creatief ei te leggen. We kunnen discussiëren over de kwaliteit van het resultaat, maar dat is toch onwaarschijnlijk?  

VM: Absoluut. Als je weet dat in Nigeria of veel andere Afrikaanse landen veel mensen – zeg maar het merendeel – niet een huis wonen maar in hutten. Ze hebben geen geld om te eten, genoten nauwelijks opvoeding of school en hebben bijgevolg heel vaak geen werk. En toch maken ze films??

SUV: D.I.Y. pur sang. Zo is er in Kinshasa een band die Konono N°1 heet en die sinds de sixties de wereld heeft veroverd met zelf uitgevonden instrumenten, die ze hebben gefabriceerd met de overschotten van ons eigen koloniaal stort dat ginder is achtergebleven. Maar ook hier is dit echt roeien met de riemen die je hebt.

VM: Zoals je al aanhaalt kan je wel iets bedenken bij de kwaliteit van de film, maar toch blijft het bewonderingswaardig. Dat staat vast. 

SUV: Wat zeg ik? Eigenlijk is het roeien tegen de riemen die je hebt, want in 666 (BEWARE THE END IS AT HAND) komen nog een paar korte homoseksuele scenes. Met ondertussen heel de LGBTQ-beweging die zowat Europa inpalmt zou hier daar geen kip van opkijken, maar die kaarten worden met name in Nigeria wel anders geschud?

VM: Dat geeft 666 (BEWARE THE END IS AT HAND) nog een extra dimensie, want in landen als Nigeria wordt je ook in dit tijdperk als homoseksueel nog steeds gewoon gestenigd. Nu, in de film werd het wel zo voorgesteld alsof die homoseksuele mannen bezeten waren door de duivel en daarmee zijn ze er misschien mee weggeraakt?   

SUV: Ik had het nooit verwacht dat ik de Italiaanse schilder Parmigianino (1503 – 1540) in deze context zou aanhalen, maar ik kan me nu toch echt moeilijk voorstellen dat de opdrachtgevers voor dit portret van hun kind een gat in de lucht hebben gesprongen als zij in 1530 deze ‘Fanciullo con l’abbecedario e un dito in bocca‘ overhandigd kregen. Niettemin zag deze Italiaanse maniërist er blijkbaar wel heil om dit als kind bijeen geperste bundle-of-creepyness in zijn reële vorm weer te geven?

Maar hoe definieer je eigenlijk EVIL KIDS juist? Zo is er in Duitsland het geval bekend van een eeneiige tweeling die genetisch hetzelfde zijn, maar waarvan de ene broer een seriemoordenaar van jonge meisjes is en de andere broer een gewone 9 to 5 job heeft. De one million dollar question is dan ook of kinderen van bij de geboorte evil zijn, of dat dit aangeleerd wordt door allerlei externe factoren of allerlei subversieve individuen?

VM: Daar doet de psychologie al decennialang onderzoek naar en dat is bijgevolg niet zo eenvoudig te beantwoorden. Er zijn verschillende psychologen en therapeuten die zich wagen aan een theorie, maar niemand geeft elkaar gelijk en ze spreken elkaar constant tegen. Zo zijn er psychologen die stellen dat kinderen misschien aan de basis niet echt boosaardig zijn, maar wel een zekere perversiteit in zich meedragen in combinatie met het gemis aan een moreel kompas tussen goed en kwaad. En dat deze vervolgens meer handelen op instinct dan wel vanuit diepgewortelde kwaadaardigheid. Zo kan er bijvoorbeeld opzettelijk pijn veroorzaakt worden bij iemand, maar indien de dader niet beseft dat hij iets verkeerd doet, is hij dan evil, of is hij onderhevig aan opgedrongen morele wetten?

Of is het omgekeerd? Dat wij aan de basis goede mensen zijn die het slechte aangeleerd krijgen door in bepaalde situaties verzeild te geraken?

SUV: Aangezien psychologie en psychiatrie constant in beweging zijn, is het misschien toch even nuttig aan te halen dat de forensische psychiatrie tussen het einde van de 19de eeuw en nu een hele ontwikkeling heeft meegemaakt. Zo is er een tijd geweest dat men bijvoorbeeld aan het uiterlijk van mensen criminelen dacht te kunnen ontwaren, terwijl men in deze tijden zich toch steeds meer verdiept in biologische en vooral genetische onderzoeken. Tot op het heden is het echter geen exacte wetenschap die eenduidigheid kan bieden.

VM: Inderdaad, want er speelt nog veel meer. Zo zijn er theorieën die stellen dat je boosaardig wordt als je – om maar iets te zeggen – bijvoorbeeld een te lange neus hebt, of homoseksueel bent ofzo. Er zijn echt zoveel verschillende hypothesen geweest dat het einde zoek lijkt te zijn; zo gold vroeger vaak dat de duivel of demonen mee in het spel zaten. Niet alleen in de film, maar in bepaalde periodes of in sommige landen wordt dat nog steeds voor waarheid aangenomen. Als een kind iemand pijn gedaan heeft of iemand vermoord heeft moet die wel bezeten zijn, is dan vaak de redenering.

SUV: Voorlopig is er echter nog niets sluitend?

VM: Nee, niets sluitend. Zoveel ideeën men kan hebben, zoveel officiële theorieën er bestaan en die zijn aanpasbaar aan elke situatie. Wat wel een grote invloed heeft gehad en dan zeker in de jaren tachtig, is het feit dat kinderen in hun opvoeding misschien niet perse mishandeld dan wel genegeerd zijn geweest.

SUV: Ik dacht dat dit tegenwoordig ook valt onder de term verwaarlozing?

VM: Ondertussen wel, maar het is lang zo geweest dat dergelijke kinderen weliswaar werden voorzien in hun materiële behoeften, maar bijvoorbeeld amper enige affectie kregen. En een theorie hierover is dat dergelijke vorm van verwaarlozing inderdaad kwaadaardigheid in de hand zou kunnen werken.

SUV: Als je het zo stelt zijn theorieën misschien wel telkens aan een nieuw decennium verbonden?

VM: (lacht) Wie weet, maar het is inderdaad zo dat in de jaren negentig alle evilness ineens op gewelddadige films werd geprojecteerd. “Voilà, we hebben het ineens gevonden”; alsof indien alle films mysterieus zouden oplossen alle kinderen braaf zouden zijn en er geen kwaadaardigheid zou bestaan. Ik weet niet of je het nog weet, maar in Groot-Brittannië was er de moordzaak James Bulger. Dat was een vierjarige peuter die bewust vermoord werd door enkele schooljongens van, ik dacht, elf jaar oud. Hoe dan ook nog jonge gastjes die deze vierjarige peuter zomaar vermoordden en verklaarden beïnvloed te zijn geweest door televisie. Dat is dan ook meteen de aanwakkering geweest van heel die hetze rond het gegeven gewelddadige televisie dat insloeg als een bom.  

SUV: Indien ik het nog herinner was de moeder van de vermoorde peuter effectief verbolgen omdat de verfilming hiervan was genomineerd voor een Oscar. Het is echter van alle tijden. Zo was in de jaren vijftig Elvis evenzeer de duivel met zijn sexy heupbewegingen, of kreeg na de eeuwwisseling de gewelddadige gamewereld de volle laag, enzovoort. Wat ik echter bedoelde was dat de acterende kinderen toch ook echt evil moeten spelen. Zelfs los van enig moreel kompas, lijkt me dat toch ook niet zo evident?

VM: Nee, dat is verre van vanzelfsprekend. Als ik hierover praat met filmregisseurs blijkt het sowieso al moeilijk te zijn om de juiste kinderen voor een specifieke rol te vinden, maar daarbovenop blijkt het bij castings vaak helemaal mis te lopen omdat veel kinderen niet echt het besef hebben van wat het kwade juist inhoudt of betekent. Of andersom,  gaan de kinderen net overacten of begrijpen ze gewoon niet wat er juist van hun verwacht wordt.

SUV: Is puur Evil zijn dan misschien te abstract voor hun?

VM: Heel vaak zul je zien dat kinderen niet zullen spreken en voornamelijk wat boze tronies trekken. Vaak wordt hier door de castingploeg dan zelfs nog een draai aan gegeven dat het kind in kwestie raar is, of mogelijk zelfs zodanig getraumatiseerd is geweest in zijn jeugd dat hij niet meer kan spreken bijvoorbeeld. Het is echt opvallend hoe weinig van die gecaste evil kids een echte dialoog hebben. Het is dus niet echt alleen de look die ze moeten hebben, want zoals bijvoorbeeld in John Carpenter”s THE VILLAGE OF THE DAMNED (1995) hebben ze voor zijn alien kinderen bewust brunettes gekozen, die vervolgens een witte pruik dienden te dragen zodat het vaag leek alsof er iets mis mee was. Met die op zich kleine wijziging zagen die kinderen  er op zich wel naturel uit, maar toch is er een hoekje af.

SUV: Het zit hem in de details uiteraard, maar in mijn veronderstelling dat de meeste van die kinderen geen opleiding hebben genoten, lijkt het mij dat er meer nodig is om het gewenste resultaat te verkrijgen?

VM: Het zijn inderdaad zeldzame gevallen waar kids met hun enkel een pruik op te zetten ineens de rol van hun leven zouden spelen. Maar laat net dat laatste heel belangrijk zijn. De kinderen het gevoel geven dat ze aan het spelen zijn en niet perse acteren of filmen. Het moet voor hun plezant blijven en zeker ook niet al te veel scenes opnieuw doen, want kinderen hebben een zeer korte aandachtspanne. Het spelelement brengt volgens filmregisseurs het beste resultaat naar boven.

SUV: Dat lijkt me zeer aannemelijk, alleen hoop ik wel dat ze dan hun net opgedane ervaring niet gaan herhalen in het echte leven?

VM: (lacht) Ja, dat moet inderdaad wel duidelijk gemaakt worden, om dit slechts op de filmset te doen en niet thuis of op school.

SUV: Als je al die wispelturige factoren samenvoegt, moet je als filmregisseur toch al vastberaden zijn om überhaupt gewoon nog maar aan een evil kid movie te beginnen precies?

VM: Dat wordt in de filmwereld ook altijd gezegd, dat dieren en kinderen het moeilijkste zijn om te regisseren.

SUV: Ik weet dat je favoriete film John Hancock’s debuut LET’S SCARE JESSICA TO DEATH is uit het magnifieke bouwjaar 1971 en dat je daar een overigens subliem eerbetoon aan hebt gewijd in STRANGE BLOOD, maar heb je voor EVIL SEEDS ook zo’n film die echt boven alles uitsteekt?

VM: Oei, nu moet ik wel even nadenken. In het boek worden echt kwaliteitsvolle meesterwerken besproken en ook al vind ik die bijzonder goed, ik blijf iemand die neigt naar meer vintage horror of B-Movie, wat vaak helemaal geen meesterwerken zijn maar waar ik enorm van kan genieten. Maar ja, hoewel dat niet perse de beste of meest kwaliteitsvolle films zijn, heb ik wel enkele favorieten. Sinds mijn jeugd heb ik enorm veel plezier beleefd aan B-films van de jaren zeventig en tachtig en tot één van mijn favorieten behoort zeker Carlton J. Albright’s  THE CHILDREN OF RAVENSBACK (1980) aka THE CHILDREN. Deze flick handelt over kinderen die met de schoolbus plotseling door een radioactieve vlaag rijden nadat er nabij een kleine kernramp is geweest. Bijgevolg werden tot hun afgrijzen hun vingernagels zwart, waarbij ze natuurlijk bij thuiskomst onmiddellijk de hulp van de ouders nodig hebben, maar die bij aanraking gewoon ontbranden.

SUV: Pure liefde dus?

VM: (lacht) Zoiets. Je zou effectief veel kritiek kunnen leveren op tal van punten. Het is inderdaad cheesy en het is gemaakt met weinig middelen; allemaal waar. Maar ik heb echt een hart voor dergelijke films. Net als bijvoorbeeld Ed Hunt’s BLOODY BIRTHDAY (1981), wat eigenlijk een slasherfilm is met drie kinderen die eigenlijk de gehele buurt uitmoorden. Je kan het moeilijk een meesterwerk noemen, maar die is gewoon heel erg fun. Ik kan het moeilijk uitleggen, maar naast klassiekers in hun genre als eerder vernoemde THE EXORCIST, THE OMEN trilogie, of Billie August zijn ZAPPA (1983) of Lynne Ramsay’s WE NEED TO TALK ABOUT KEVIN (2011), hebben ook die films op één of andere manier een plaats in mijn hart veroverd.

Met kans dat ik nu zelf gestenigd zal worden ben ik bijvoorbeeld ook fan van de remake van John Carpenter’s THE VILLAGE OF THE DAMNED.

SUV: Bij deze reik ik je de eerste steen aan. Het was leuk je te kennen en sowieso dank je wel voor dit diepgaand interview.

VM: (lacht) Dank je wel, ik zal hem koesteren. Maar heel graag gedaan en jijzelf ook nog hartelijk bedankt voor je verschillende contributies natuurlijk.

SUV: Het gebeurt zelden dat ik een interview mag afsluiten met een dankbetoon, maar dat was me een eer die evenzeer met liefde en toewijding werd volbracht.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: